Stichting Huurdersraad
Analyse
Analyse op het CDA-verkiezingsprogramma 2026-2030
1. Context en uitgangspunten
Het verkiezingsprogramma
Een fatsoenlijk Hardinxveld-Giessendam
vertrekt
vanuit een
sterk communicatie uitgangspunt:
samenredzaamheid, lokale verbondenheid en
behoud van het dorpse
karakter.
Wonen wordt nadrukkelijk niet alleen als een
fysieke
opgave gezien, maar als een sociaal
vraagstuk
waarin leefbaarheid, gemeenschapszin en sociale
stabiliteit
centraal staan.
Deze visie is bepalend voor de
manier waarop het CDA kijkt
naar sociale huurwoningen en
wijkontwikkeling.
2. Sociale huurwoningen, erkenning van de noodzaak
Een belangrijk breekpunt met het verleden is de expliciete
erkenning dat in Hardinxveld-Giessendam de
afgelopen jaren
vrijwel uitsluitend koopwoningen zijn gebouwd.
Het programma benoemt dit als onwenselijk
en stelt vast dat
de behoefte aan sociale huurwoningen “net zo
groot” is.
Hiermee wordt de woningnood onder
starters, alleenstaanden
en ouderen expliciet erkend.
De rol van woningcorporatie Fien Wonen wordt hierbij
benadrukt,
er liggen bouwplannen klaar, maar de gemeente
moet hierin actiever regie nemen. Dit wijst op een
beleidsmatige
verschuiving van faciliteren naar
medeverantwoordelijkheid nemen voor de realisatie
van sociale
huur.
3. Differentiatie in woonvormen en doorstroming
De analyse van de woningmarkt is relatief scherp:
Het woningbestand bestaat grotendeels uit eengezinswoningen.
Ouderen blijven noodgedwongen in te ruime woningen wonen.
Starters en jongeren vinden geen betaalbare instap.
Het programma koppelt sociale huur expliciet aan doorstroming
en
levensloopbestendig wonen.
Door meer gelijkvloerse woningen, kleinere woonvormen
en
initiatieven als knarrenhofjes te realiseren, kan
zowel de druk
op de koopmarkt als op sociale huur verminderen.
Dit draagt indirect bij aan sociale cohesie,
doordat huishoudens
op passende plekken in hun levensfase kunnen
blijven
wonen binnen het dorp.
4. Binding met het dorp en sociale stabiliteit
Een kernpunt in het programma is het voorrang geven
aan mensen
met een “binding aan het dorp”
bij woningtoewijzing,
zowel bij nieuwbouw als op de huurmarkt.
Vanuit het perspectief van sociale cohesie
heeft dit twee effecten.
Versterkt bestaande sociale netwerken (familie, verenigingen,
kerken).
Vergroot de kans dat nieuwe bewoners actief deelnemen aan
het
lokale verenigingsleven.
Beperkt snelle wisselingen in wijken, wat stabiliteit bevordert.
Kanttekening
Deze keuze kan de toegankelijkheid voor nieuwe doelgroepen
beperken en vraagt om een zorgvuldige
juridische en morele
afweging, zeker in relatie tot regionale
woningdruk en wettelijke verplichtingen.
5. Flexwonen en kwetsbare doelgroepen
Het programma zet flexwonen in als instrument voor mensen
met
een acute woonvraag, waaronder
mantelzorgers, gescheiden
gezinnen, arbeidsmigranten en
vluchtelingen.
Door tijdelijke woonvormen expliciet
te benoemen als aparte
categorie, probeert het CDA druk op
reguliere sociale
huur te verminderen.
Voor de sociale cohesie is dit een dubbelzinnig punt:
Enerzijds voorkomt de verdringing op de sociale huurmarkt.
Anderzijds vraagt tijdelijke huisvesting extra aandacht voor
begeleiding, spreiding en inbedding in de
wijk om sociale
isolatie of spanningen te voorkomen.
Het programma erkent dit impliciet door te hameren op
draagvlak,
bewonersparticipatie en aandacht voor
de “spankracht van de samenleving”.
6. Sociale cohesie als randvoorwaarde bij nieuwbouw
Nieuwbouw wordt consequent gekoppeld aan:
Bewonersparticipatie vanaf het begin,
Gelijktijdige ontwikkeling van voorzieningen,
Voldoende groen en speelplekken,
Ontmoetingsmogelijkheden in wijken.
Dit wijst op een integrale wijkvisie waarin sociale huurwoningen
niet als geïsoleerde projecten worden gezien,
maar als onderdeel
van gemengde, leefbare wijken.
De nadruk op
levensloopbestendige wijken waar “kinderen
kunnen opgroeien en mensen oud worden” sluit aan bij bewezen
principes voor sociale cohesie: nabijheid,
herkenbaarheid en langdurige bewoning.
7. Statushouders en sociale huur, balans zoeken
Het programma stelt expliciet dat statushouders niet
automatisch
voorrang krijgen bij sociale huurwoningen,
maar dat de gemeente wel haar wettelijke taak uitvoert,
bij
voorkeur via tijdelijke huisvesting en regionale
samenwerking. Hiermee wordt geprobeerd een balans
te vinden
tussen solidariteit en draagvlak in de wijken.
Voor de sociale cohesie betekent dit:
Minder druk op reguliere sociale huur voor
lokale
woningzoekenden.
Tegelijk een sterke nadruk op taal, participatie,
vrijwilligerswerk
en ontmoeting (zoals de nieuwkomers dag),
wat integratie en onderlinge verbinding kan bevorderen.
8. Conclusie
Het verkiezingsprogramma positioneert sociale
huurwoningen
nadrukkelijk als middel om sociale cohesie
te
behouden en te versterken, niet als losstaand woningbouwdoel.
De
kern van de benadering is behoud van sociale
stabiliteit door:
Meer betaalbare huurwoningen, betere doorstroming,
Sterke betrokkenheid van inwoners, en aandacht voor
gemengde,
levensloopbestendige wijken.
De uitdaging voor Hardinxveld-Giessendam ligt vooral in
de
uitvoering, het daadwerkelijk realiseren van
sociale huurwoningen
in voldoende aantallen, zonder dat
draagvlak en leefbaarheid
onder druk komen te staan.
Het programma laat zien dat het CDA deze spanning
onderkent en
probeert te sturen op balans tussen groei,
solidariteit en het behoud van het dorpse sociale weefsel.
Klik hier voor het verkiezingsprogramma van het CDA
We
plaatsen van alle verkiezingsprograama's van partijen
die in
Hardinxveld-Giessendam actief zijn.
Zoals TAB-SGP-CU-CDA-Groenlinks/PvdA
Deze
analyse beschrijft beleidskeuzes en mogelijke effecten,
zonder
oordeel over onze politieke voorkeuren.