Stichting Huurdersraad
Analyse
1. Analyse op
het SGP Verkiezingsprogramma 2026-2030
Het
programma schetst een sterk normatief en samenhangend dorpsbeeld:
Hardinxveld-Giessendam als een overzichtelijke, hechte
gemeenschap
waarin gezinnen, vrijwilligers, kerken, verenigingen
en buren samen de
basis vormen. De overheid ziet zichzelf nadrukkelijk
als dienend en
faciliterend, niet als allesbepalend.
Belangrijke rode draden zijn:
-
Gemeenschapszin boven individualisme
- Stabiele
woon- en leefomgeving
- Voorrang voor
lokale inwoners
- Samenwerking
met woningcorporatie, kerken en vrijwilligers
- Zorg dichtbij
huis en preventie boven reparatie
Dit vormt
een herkenbaar dorpse visie, waarin sociale verbanden bewust
worden beschermd.
2. Waar kan de sociale huurder hier zijn
voordeel mee doen?
a. Woningbouwbeleid: expliciet
ruimte voor sociale huur
Het
programma volgt het principe van 1/3 sociale huur – 1/3 betaalbaar
– 1/3 vrije sector. Dat betekent concreet:
- Sociale huur wordt niet
weggedrukt, maar structureel ingebed in nieuwbouw.
- De sociale huurder is geen sluitpost,
maar onderdeel van de wijkmix.
Voor sociale huurders is dit gunstig
omdat:
- Wijken sociaal gemengd
blijven (geen concentratie van kwetsbaarheid).
- Er meer kans is op
doorstroming: ouderen naar passend appartement, gezinnen naar
eengezinswoning.
- De druk op wachtlijsten op termijn
kan afnemen.
b. Lokale
voorrang: binding telt
Het
inzetten op lokale binding (woonplaatsbeginsel, puntensysteem) is
voor veel sociale huurders positief:
-
Inwoners die al jaren in het dorp wonen, maken
meer kans om te blijven.
-
Jongeren uit sociale huurgezinnen kunnen makkelijker
zelfstandig in het dorp wonen.
- Mantelzorgrelaties blijven intact
(ouders, kinderen, buren).
Dit voorkomt
sociale ontworteling, wat juist voor huurders met minder
financiële armslag essentieel is.
c. Leefbaarheid en onderhoud:
directe winst
Er is
veel aandacht voor:
- Goed onderhoud van wijken - Tegengaan
van verloedering - Samenwerking met woningcorporatie - Snelle
opvolging van meldingen (Fixi)
Voor sociale huurders betekent dit:
- Betere woonkwaliteit zonder hogere
woonlasten
- Serieuzere aanpak van overlast
- Meer invloed via samenwerking met
buurt en corporatie
d. Sociaal
vangnet zonder bureaucratie
De
nadruk op:
- Sterk sociaal team - Ondersteuning
dichtbij huis - Beperking van het aantal hulpverleners -
Samenwerking met kerken en vrijwilligers is gunstig voor
sociale huurders die:
- Te maken hebben met zorg, schulden of
eenzaamheid
- Niet altijd digitaal vaardig zijn
- Behoefte hebben aan
persoonlijk contact
Het
programma erkent dat niet iedereen zelfredzaam is, maar wil
ondersteuning menselijk en overzichtelijk houden.
3. Wat betekent dit voor het sociale
dorpsgevoel?
a. Bewust investeren in ontmoeting
Het
programma zet sterk in op:
- Wijkontmoetingspunten – Wijktafels -
Nieuwe-inwonersavonden - Vrijwilligerswaardering
Dit versterkt het dorpsgevoel doordat:
- Nieuwe inwoners sneller worden
opgenomen in het sociale netwerk
- Oude en nieuwe bewoners elkaar
ontmoeten
- Problemen eerder samen worden
opgelost
b. Wonen,
zorg en ontmoeting in samenhang
De
koppeling van:
- Wonen – Speelplekken – Voorzieningen
– Verenigingen - Kerken
Zorgt ervoor dat wijken niet alleen
slaapwijken worden, maar leefgemeenschappen.
Dit komt vooral
ten goede aan:
- Alleenstaanden – Ouderen - Mensen met
een kleine sociale kring
c.
Vrijwilligers en mantelzorg als fundament
Door
vrijwilligers en mantelzorgers expliciet te waarderen en te
ondersteunen:
- Blijft zorg betaalbaar én
nabij
- Ontstaat wederkerigheid: mensen doen
iets voor elkaar
- Wordt de afhankelijkheid van
professionele (dure) zorg beperkt
Dit
versterkt het “we doen het samen”-gevoel, dat kenmerkend is voor
een dorp.
d. Rust, orde en herkenbaarheid
Beleid rond:
- Beperking van overlast - Geen
verrommeling - Geen grootschalige, stadse ontwikkelingen
Draagt bij aan:
- Voorspelbaarheid - Rust in wijken -
Sociale veiligheid
Voor veel
inwoners (zeker ouderen en gezinnen) is dit een belangrijke basis
voor sociale verbondenheid.
4. Kritische kanttekening (evenwichtig
beeld)
Hoewel het programma veel voordelen biedt voor sociale huurders en
het dorpsgevoel,
zijn er ook aandachtspunten:
- De
nadruk op eigen verantwoordelijkheid kan voor sommige
kwetsbare huurders druk
opleveren.
- De sterke normatieve insteek
(bijv. zondag, cultuuruitingen) kan door een deel van de
bevolking als beperkend worden ervaren.
- Het succes staat of valt met
goede samenwerking met de woningcorporatie en voldoende
uitvoeringskracht.
Dit vraagt
in de praktijk om maatwerk en blijvende dialoog.
5. Conclusie
Voor de sociale huurder
biedt dit programma:
- Bescherming van betaalbare woningen -
Kans om in het eigen dorp te blijven wonen
- Aandacht voor leefbaarheid, zorg en
persoonlijke dienstverlening
- Een sociaal vangnet met menselijke
maat
Voor het sociale
dorpsgevoel:
- Versterking van ontmoeting en
saamhorigheid - Behoud van het dorpse karakter
- Ruimte voor vrijwilligers,
verenigingen en informele zorg - Minder anonimiteit, meer
onderlinge betrokkenheid
Kort gezegd:
De sociale
huurder wordt niet los gezien van de gemeenschap, maar juist als
een volwaardig onderdeel ervan.
Het
dorpsgevoel wordt niet aan het toeval overgelaten, maar actief
onderhouden.